KRIMPEN AAN DEN IJSSEL — In 2024 werd ik door beleidsadviseur Ellen Jacobs (Cultuur, Taal en Evenementen) in het dorp uitgenodigd. Deze samenwerking kwam tot stand na een open call in het kader van ‘Gezocht Talentvolle Gemeenten’. Hierbij stond de relatie tussen kunstenaar en gemeente centraal. Ellen Jacobs werd vanwege deze samenwerking genomineerd voor ‘Ambtenaar van het Jaar 2025’.
Op verzoek van de gemeente deed ik onderzoek naar het uitblijven van een bruisend dorpshart. Begin 2025 resulteerde dit in een plan met de titel ‘de voorstelling’. Achter de schermen mocht ik meedenken bij het vormgeven van de omgevings- en cultuurvisie van deze gemeente.
CARDIO_VISIE — Was de titel van het onderzoek. Met een diversiteit aan Krimpenaren voerde ik gesprekken over het gewenste 'Hart van Krimpen'. Bewoners gaven aan dat ze graag een levendig centrum met terrassen willen en een divers aanbod van winkels en culturele organisaties. Het gemeen, als (iets) met iemand gemeen hebben, gaat echter verder dan samen iets drinken op een terras of boodschappen doen bij de DIRK.
Waar andere dorpen zijn gebouwd rond een kerk of karakteristiek plein, is het beoogde centrum van Krimpen rond een grote parkeerplaats gesitueerd. Het historische lintdorp langs de rivieren kreeg tot dusver niet de juiste aandacht. Het voelt vandaag alsof het gebouwde "lichaam" achter de dijk een aansprekend "gezicht" mist. Terwijl een menselijk 'Hart van Krimpen' niet zonder een aansprekend gezicht kan.
De gemeente maakt sinds 2006 toekomstplannen voor het centrum. Maar zij is sinds de jaren 80 geen eigenaar meer van "de dorpsstraat" [winkelcentrum De Crimpenhof]. De belangrijkste vastgoedeigenaar, een lokale bakkerszoon, is (nog) niet van plan om in winkelcentrum 'De Crimpenhof' te investeren. In het AD verscheen begin 2025 een artikel waarin staat dat 23% van de winkelruimte leegstaat, tegen 22% in 2024.
Naar mijn mening is het essentieel dat de gemeente een sterk narratief ontwikkelt voor het dorpshart. Binnen dit narratief moeten verschillende (individuele) verhalen een plek kunnen krijgen. Vandaag domineert één verhaal — dat van de vastgoedeigenaar.
— citaat uit column: Zoeken naar een 'Hart van Krimpen'
DE VOORSTELLING — met dit culturele concept zoek ik een opening in de hierboven beschreven impasse. Het maakt letterlijk van de centrumsituatie een decor van deze voorstelling. Voor invulling en realisatie van dit plan, ging ik langs bij culturele organisaties. Bij de gemeente werd een projectgroep opgericht. Lokale bedrijven en winkeliers werden benaderd. Inwoners werden geinterviewd.
Terwijl ik vanuit een dialoog naar kansen zocht hoorde ik vaak; "kom maar terug als jouw plannen concreet zijn". Dit was voor mij een reden om de tijdelijke lege sokkel en tentoonstelling met 'dorpsgezichten' voor te stellen. Deze lege sokkel stelde het gebrek aan betekenis centraal. Door samen een tentoonstelling in te richten met dorpsgezichten zou de mogelijkheid ontstaan om te zoeken naar het "gezicht" van het dorp. Het moest plaatsvinden in het lege kantoor boven de DIRK, met als doel ook deze leegte tijdelijk van betekenis te voorzien.
Dit plan vond uiteindelijk onvoldoende draagvlak bij de inwoners, ondernemers en de gemeente. Het zal u niet verbazen dat ook vastgoedeigenaar Van Herk niet mee wilde werken aan een tentoonstelling in het lege kantoor.
LOTTE STAM-BEESEPLEIN — In mijn praktijk probeer ik verleden, heden en toekomst te verbinden. Door tijdelijk dingen anders te organiseren probeer ik te werken aan nieuwe betekenis. Met kunst kunnen we namelijk de wereld verbeelden waarin we willen leven. Daarom zocht ik in de buitenruimte van het dorp naar een opening.
Ik ontdekte dat de markante Krimpenaar Charlotte (Lotte) Ida Anna Stam-Beese in het dorp heeft gewoond. Haar leven stond in dienst van het creeren van ruimtes voor het één en het ander. Gelukkig kon ik de gemeente overtuigen om haar een ode te brengen met een denkbeeldig dorpsplein. Het 'Lotte Stam-Beeseplein' is nu een culturele bouwplaats van de toekomst.
Eén straatnaambord maakt van de centrumsituatie een decor. De gebruikers van deze ruimte worden acteurs in dit schouwspel. Voor wie zich dat realiseert. Dit is ongekend. Het denkbeeldige plein is een deur om de toekomst van het dorpshart anders te denken. Met onze handelingen geven we betekenis aan deze ruimte. Als we hier samen andere dingen organiseren — bouwen we het dorpshart van morgen.